Foto4
Rondje Noord-Holland, 4 mei 2016, onder leiding van Piet Smit, de vlootkapitein

Deelnemers: Piet Smit, vlootaanvoerder met zijn 660 de ‘Samourai’, Henk en Lies met hun 9 meter ‘HLYN,  Vincent en Erwin met een 620 de ‘Calliphlox’ en de 560, de voormalige ‘Second Wife’ van Eric Schoeman, thans in gebruik en beheer samen met Willem Oosterom, voorheen eigenaar van de ‘Faja Lobi’, zeilnummer 601 (helaas gesloopt in verband met een rotte bodem).

Schrijver dezes, Willem Oosterom.

De tocht naar Nauerna, onze ontmoetingsplaats aan het Noordzeekanaal, begon voor ons in Aalsmeer waar de 560 al vele jaren zijn thuishaven heeft bij de Watersportvereniging Aalsmeer aan de Uiterweg.

3 Mei, 11.00 uur, mast plat en met de oude 5 pk Yamaha-tweetakt naar de Ringvaart met een gangetje van 5 knopen. De tocht verliep voorspoedig, de Ringvaart op, de Nieuwe Meer over, de sluis door en vervolgens een stuk of 9 bruggetjes in Amsterdam onderdoor waarna we, drie uur later, in de Houthaven aangekomen, de mast hebben opgezet aan een klein steigertje.
 
Foto1Het was prachtig weer en de voorspelling voor de komende dagen zag er ook goed uit. Twee uur later kwamen we in Nauerna aan. Het was inmiddels een uur of 5 en we ontdekten daar een gesloten brug die de toegang tot de jachthaven blokkeerde. Vrij snel hadden we in de gaten dat er bij een middensteiger een knop zat die we we moesten indrukken en toen ging de brug als door een wonder vanzelf open.

Al snel kwamen we aan bij de aanmeldsteiger en constateerden dat we de eersten waren. Niet veel later zagen we dat de drie andere boten ook waren gearriveerd en we maakten  kennis met de andere deelnemers.

Piet heeft tijdens de briefing rond 19.00 uur de plannen besproken. We zouden de andere dag half zeilend en op de motor naar de sluis van IJmuiden varen en daarna rechtsaf de zee op gaan richting Den helder. Het weer was prima, de wind kwam uit de goede richting. Den Helder zou bezeild zijn. Rond een uur of 12 waren we door de sluis en het avontuur over zee naar Den Helder begon; een tocht die naar schatting een uur of 6 zou gaan duren.

Omdat wij de enigen waren zonder marifoon, heeft Piet zijn handmarifoon aan de bemanning van de 560 uitgeleend; hij had nog een marifoon. De tocht begon goed, bijna voor de wind 3 à 4 Bft en veel andere boten die in dezelfde richting voeren. Stralend weer.
De Calliphlox hees de halfwinder en ze liepen snel op de anderen uit.

Elk uur riep Piet de anderen op om te checken hoe het ging en wat de positie was, waarbij eigenlijk alleen de breedtegraad van belang was aangezien we bijna volledig in noordelijke richting voeren.
Gaandeweg veranderde de wind van richting, draaide meer naar ruime wind, naar halve wind, werd soms sterker, soms zwakker en weer sterker in de buurt van het Marsdiep, en werd zelfs een stevige 4 à 5 Bft aan de wind. Rond een uur of zes staken we hoog aan de wind het rafelige Marsdiep over tot aan de kust van Texel en met een lange slag bereikten we de Marine Jachthaven en vonden een plek bij de drie andere boten.

De 560 langszij de ‘Calliphlox’, die vlak voor het aanmeren motorpech had gekregen; De motor draaide prima, maar de schroef wilde niet meedraaien. Dat probleem kon niet worden opgelost gedurende de tocht , dus zou de ‘Calliphlox’ af en toe gesleept moeten worden,  bijvoorbeeld de sluis in en uit. Henk en Lies van de HLYN boden aan om, waar nodig,  een sleepje te geven.

s'Avonds zijn de bemanningen van de 560 en de 620 uit eten gegaan in het Lands End Hotel op 15 minuten wandelen van de jachthaven. Heerlijk overigens, een wandelingetje, vooral als je zowat elf uur op de boot hebt gezeten.Foto2

De andere dag stonden we vroeg op, omdat we vóór 11.00 uur de sluis van Den Oever wilden halen. De route van Den Helder naar Den Oever loopt via een betonde vaargeul. Het eerste stuk tot de bocht was hoog aan de wind te bezeilen, maar daarna moest er in het niet al te brede gedeelte gekruist worden. Na aan tijdje werd iedereen dat zat en overal om je heen zag je de mee liggende boten de zeilen strijken om op de motor verder te gaan. Wij ook, en Henk en Lies van de ‘HLYN’ ontfermden zich over de Calliphlox teneinde hen de sluis in en uit te slepen, hetgeen allemaal uitstekend verliep.

Want, wat waar is, is waar.....; zulke momenten zijn spannend en het was druk in de sluis. Na de sluis in Den Oever zouden we elkaar weer in Enkhuizen treffen in de Compagnieshaven waar de tocht ten einde liep en ieder weer zijns weegs zou gaan. Bij de sluis in Den Oever ontmoetten we nog de zeer prominente Kolibrist, Thijs Hoogland, die met een kleinzoon en vriend onderweg was.

Foto12De tocht naar Enkhuizen was niet bezeild, dus iedereen kon naar eigen inzicht zijn slagen kiezen en de deelnemers raakten elkaar al snel kwijt. Het was weer prachtig weer, maar de wind liet het een beetje afweten en halverwege kregen we de 620 de ‘Calliphlox’ in zicht die op de toeter had geblazen; naar ons, zo bleek. Ze vroegen om een sleepje, aangezien de wind het bijna volledig liet afweten. 3 Uur lang heeft de 5 pk Yamaha tweetakt van de 560 probleemloos de ‘Calliphlox’ gesleept, wat toen niet deed vermoeden dat de tweetakt later zelf allerlei kuren ging vertonen.
In de buurt van Enkhuizen kwam de opgeroepen 9 meter van Henk en Lies de sleep overnemen.
Kort daarna hield de tweetakt er mee op en moesten we zelf ook gesleept worden door de ‘Calliphlox’ die op zijn beurt werd gesleept door de 9 meter van Henk en Lies.

Tegen een uur of 6 kwamen we aan in de Compagnieshaven van Enkhuizen. De tweetakt deed het inmiddels weer en op het laatste moment weer niet. Pfffff.......grrrrr.....
Rond een uur of acht is de hele club neergestreken in een restaurant alwaar we van een afscheidsdiner hebben genoten.
Tja, op wat probleempjes na was het een zeer geslaagde tocht; niet in de laatste plaats vanwege de zeer deskundige leiding van de vlootkapitein Piet Smit en ik kan dan ook iedereen aanbevelen om het ook eens een keer mee te gaan maken, zo'n rondje Noord-Holland.

De andere dag ging ieder zijnsweegs en wij zetten met niet al te veel wind koers naar Uitdam waar we de nacht hebben doorgebracht. De volgende dag stond er veel wind en in no time rondden we de vuurtoren bij Durgerdam. Vervolgens gingen we de Oranjesluis door en het IJ op, zeilend met de Genua op en de motor bij.

Aangekomen bij de Houthaven sloeg de motor weer af en we kregen hem niet meer aan de praat. Eerst de mast maar plat en dan proberen of het wilde lukken. Uiteindelijk liep hij weer, maar niet goed, sloeg gauw af, startte daarna weer moeilijk.... kortom ellende.... grrrrrrrrrr
Een paar keer hebben we om een sleepje moeten vragen wat wonderwel elke keer lukte.
We moesten bijvoorbeeld de sluis van de Nieuwe Meer uitgesleept worden. Uiteindelijk zijn we toch op de motor in de thuishaven in Aalsmeer aangekomen.

De motor is inmiddels naar een Yamaha-dealer in Aalsmeer gebracht en het probleem is hoogstwaarschijnlijk het gevolg van te oude en bedorven benzine, hetgeen watervorming en andere narigheid veroorzaakt in het brandstofsysteem - een steeds vaker voorkomend probleem naar ik inmiddels heb vernomen, dat te maken heeft met toevoegingen aan de benzine zoals onder andere ethanol.

Hoe dan ook, we zullen er voortaan alles aan doen om dit probleem voor de toekomst te voorkomen door Aspen benzine te gaan gebruiken, of een speciaal toeslagmiddel Star Tron...of zoiets door de benzine te mengen. Wellicht zijn er nog andere foefjes. Alle adviezen zijn uiteraard van harte welkom.
 
Willem Oosterom

Foto11Foto13Foto14Foto15